Algemeen

Wat is het prioriteitsrecht of het voorrangsrecht?


Intellectuele eigendomsrechten zijn in de eerste plaats onderworpen aan nationale wetgeving en moeten in principe land per land verkregen worden.

 

Om de mogelijkheid te bieden aan een eigenaar van een intellectueel eigendomsrecht om eenzelfde recht ook tijdig aan te vragen in andere landen, voorziet het Verdrag van Parijs van 1883 in een recht van voorrang of het prioriteitsrecht. De meeste geïndustrialiseerde landen hebben dit verdrag ondertekend en erkennen het prioriteitsrecht.

 

Dit recht houdt in dat, wanneer men een eerste depot heeft verricht in een land dat lid is van dat verdrag, men over een bepaalde periode beschikt om zonder verlies van zijn rechten, ook in andere landen dezelfde bescherming kan aanvragen voor hetzelfde merk, dezelfde uitvinding of hetzelfde model.

 

De termijn van het recht van voorrang bedraagt 6 maanden voor merken, tekeningen en modellen en 12 maanden voor octrooien en kwekerscertificaten.

 

Vóór het verstrijken van deze termijn van zes of twaalf maanden na een eerste depot zullen latere indieningen in de toegetreden landen niet krachteloos kunnen gemaakt worden door feiten die in de tussentijd hebben plaatsgevonden. Depots door derden, het openbaar bekendmaken van uitvindingen of toepassingen ervan, het te koop stellen van exemplaren van een tekening of model of het gebruiken van een merk... in land X zullen niet in aanmerking worden genomen om de beschermingsvereisten (nieuwheid, beschikbaarheid, ...) te beoordelen van een later depot dat u in land X zou indienen indien dat steunt op een regelmatig eerste depot dat binnen de prioriteitstermijn in een ander verdragsland werd verricht.

 

Belangrijk is wel dat het recht van voorrang expliciet moet ingeroepen worden en dat dat slechts kan op basis van het allereerste depot van een merk, model of uitvinding.

 

 

Terug naar overzicht